Statuten

Statuten


Statuten SC Muiden

Gewijzigd  en goedgekeurd op algemene vergadering 21 januari  2020  i.v.m. oprichting afdeling hockey


Inhoud:

Artikel
  1. Naam en zetel
  2. Inrichting
  3. Duur en boekjaar
  4. Doel en middelen
  5. Leden
  6. Verplichtingen
  7. Tuchtrechtspraak
  8. Geldmiddelen
  9. Einde lidmaatschap
10. Donateurs
11. Algemeen bestuur
12. Bestuurstak
13. Bestuursvergadering
14. Afdelingen
15. Vertegenwoordiging
16. Rekening en verantwoording
17. Algemene vergadering
18. Samenstelling algemene vergadering
19. Toegang en besluitvorming algemene vergadering
20. Bevoegdheden algemene vergadering
21. Leiding en notulering algemene vergadering
22. Reglementen
23. Statutenwijziging
24. Ontbinding en vereffening                                                                                    


Artikel 1 Naam en zetel

1. De vereniging draagt de naam Sport Combinatie Muiden (S.C. Muiden) hierna te noemen:
    Omni-vereniging.

 2. Zij heeft haar zetel in de gemeente Muiden.

 3. De omni-vereniging is ingeschreven in het verenigingsregister, dat gehouden wordt bij de 
     Kamer van Koophandel en Fabrieken te Hilversum.                                          


Terug


Artikel 2 Inrichting

1. De omni-vereniging kent afdelingen, als bedoeld in art. 14

2. a. Organen van de omni-vereniging zijn: het algemeen bestuur, de algemene vergadering,
        afdelingsbesturen, afdelingsvergaderingen, alsmede personen en commissies, die krachtens
        de statuten door de algemene vergadering belast zijn met een nader omschreven taak en aan
        wie daarbij door de algemene vergadering beslissingsbevoegdheid is toegekend.
    b. De organen van de omni-vereniging als bedoeld onder a. bezitten geen rechtspersoonlijkheid. 

Terug

Artikel 3 Duur en boekjaar

1. De omni-vereniging is opgericht op 20 maart 1980 te Muiden en ontstaan uit de
    verenigingen s.v. Muiden opgericht d.d. 4 februari 1920 en s.v. R.C.M. opgericht d.d. 15
    mei 1931. Zij is aangegaan voor onbepaalde tijd.

 2. a. Het boekjaar van de omni-vereniging loopt van één juli tot en met dertig juni.
     b. Het boekjaar van de afdelingen is gelijk aan het boekjaar van de omni-vereniging  

Terug

Artikel 4 Doel en middelen

1. De omni-vereniging stelt zich ten doel het doen beoefenen en het bevorderen van sport in
    de meest uitgebreide zin, m.u.v. de beroepsport.

 2. De omni-vereniging tracht dit ten doel onder meer te bereiken door:
     - Voor elke te beoefenen tak van sport een afdeling in te stellen;   
     - Als omni-vereniging ten behoeve van de onder een afdeling ressorterende leden
       het lidmaatschap van de betreffende sportbond te verwerven; 
     - Aan de door betreffende sportbonden georganiseerde of goedgekeurde competities en 
       andere wedstrijden deel te nemen;  
     - Wedstrijden en evenementen te organiseren;  
     - De gemeenschappelijke belangen van de afdelingen te behartigen;  
     - De eigendommen van de omni-vereniging te beheren;  
     - Het lidmaatschap te verwerven van andere organisaties, die het doel van de omni-vereniging
       kunnen bevorderen. 

Terug

Artikel 5 Leden

1. Leden zijn natuurlijke personen, die op hun verzoek als lid tot de omni-vereniging zijn toegelaten.

2. De omni-vereniging kent leden en aspirant-leden die:

    a. niet onder een afdeling ressorteren (algemene leden);
    b. onder één of meer afdelingen ressorteren (afdelingsleden).

3. Op het verzoek tot toelating tot het lidmaatschap beslist:

    a. het algemeen bestuur, indien het toelaten tot de omni-vereniging van een algemeen lid
        betreft.
    b. het betreffende afdelingsbestuur, indien het de toelating tot de omni-vereniging van   
       een afdelingslid betreft.

4. a. Een afdelingsbestuur beslist tevens over toelating van leden van de omni-vereniging tot 
        zijn afdeling.
    b. Een afdelingsbestuur is bevoegd aan door hem tot de afdeling toe te laten leden 
        specifieke lidmaatschapsvereisten te stellen, overeenkomstig de voorschriften van de 
        betreffende sportbond.
    c. Het lidmaatschap van de Koninklijke Nederlandse Voetbal Bond (K.N.V.B.) is verplicht
        voor leden die onder de afdeling voetbal ressorteren, daaronder begrepen diegenen die 
        in de afdeling een al dan niet betaalde functie bekleden, alsmede voor leden die zitting 
        hebben in het algemeen bestuur.
   d. Personen die als lid toetreden of zijn toegetreden tot de omni-vereniging en die onder
        de afdeling hockey ressorteren worden daardoor lid van de Koninklijke Nederlandse
        Hockey Boncl, een vereniging met volledige rechtsbevoegdheid, met zetel te Utrecht
        en ingeschreven in het handelsregister onder nummer 40530560 (K.N.H.B.), en zijn
        als zodanig (mede-)onderworpen aan de statuten, reglementen en besluiten van de
        K.N.H.B. en haar organen, waaronder met name is begrepen de tuchtrechtspraak.
    e. Leden, die onder een andere afdeling dan de afdeling voetbal ressorteren, zijn verplicht
        het lidmaatschap van de betreffende sportbond te verwerven, indien bedoelde sportbond
        zulks voorschrijft.

 5. In geval van niet-toelating kan op verzoek van de betrokkene alsnog tot toelating worden besloten
    door de eerstvolgend plaatsvindende:

    a. algemene vergadering, wanneer het de toelating van algemene leden betreft;
    b. afdelingsvergaderingen van de betreffende afdeling, wanneer het de toelating van afdelingsleden
        betreft.

6. a. op voorstel van het algemeen bestuur kan de algemene vergadering een lid wegens zijn
        bijzondere verdiensten voor de omni-vereniging tot ere-lid benoemen
    b. op voorstel van een afdelingsbestuur kan een afdelingsvergadering een lid wegens
        zijn bijzondere verdiensten voor de betreffende afdeling tot lid van verdienste van die afdeling
        benoemen. 


Terug

Artikel 6 Verplichtingen

1. a. De leden zijn jaarlijks gehouden tot het betalen van contributie, zoals vermeld in
        art. 8 lid 2a
    b. Ere-leden en leden va verdienste zijn vrijgesteld van de verplichting om contributie te betalen.
    c. het algemeen bestuur is bevoegd in bijzondere gevallen gehele of gedeeltelijke 
        ontheffing van de verplichting tot het betalen van contributie te verlenen.

2. Ieder lid is verplicht: 
    a. de statuten en reglementen van de omni-vereniging, alsmede de besluiten van haar
        organen na te leven;
    b. de belangen van de omni-vereniging en van haar afdelingen niet te schaden
    c. alle overige verplichtingen te aanvaarden en na te komen, welke uit het lidmaatschap 
        voortvloeien of welke de omni-vereniging in naam van haar leden aangaat.

3. Een afdelingslid is daarenboven verplicht:

    a. de statuten en reglementen van de betreffende sportbond - en voor zover de afdelingsleden
        onder de afdeling hockey ressorteren waaronder met name, maar niet beperkt tot, het
        dopingreglement, het reglement ongewenst gedrag, het reglement matchfixing en het
        tuchtreglement van de K.N.H.B. -, de besluiten van zijn organen, alsmede de door de ze sportbond
        van toepassing verklaarde wedstrijdbepalingen na te leven;
    b. de reglementen van de betreffende afdeling na te leven;
    c. alle overige verplichtingen te aanvaarden en na te komen, welke de betreffende afdeling 
        in naam van de omni-vereniging ten behoeve van de onder haar afdeling ressorterende 
        leden aangaat.
    d. voor zover de afdelingsleden onder de afdeling hockey ressorteren:

         i.    de verplichtingen die de omni-vereniging enlof de K.N.H.B. uit naam van haar leden aangaat
                of die uit het lidmaatschap voortvloeien, te aanvaarden en na te leven. Tot deze verplichtingen
                behoort onder meer het aanvaarden en nakomen van door de K.N.H.B., mede namens haar leden, 
                aangegane verplichtingen jegens één of meer derden, aangaande ongevallenverzekering,
                aansprakelijkheidsverzekering, sponsoring, alsmede aangaande de verkoop en/of exploitatie van
                televisie- en/of radio-opnamen enlof uitzendrechten via welk communicatiemiddel dan ook
                (waaronder in elk geval begrepen via internet). In afwijking van het bepaalde in de vorige zin geldt
                dat de K.N.H.B. niet bevoegd is uit naam van de gewone leden die uitkomen in de Hoofdklasse, als
                gedefinieerd in het bondsreglement, voor wat betreft hun eerste heren- en damesteam, verplichtingen
                jegens één of meer derden aan te gaan inzake de verkoop en/of exploitatie van televisie- en/of
                radio-opnamen enlof uitzendrechten via welk communicatiemiddel dan ook (waaronder in elk geval
                begrepen via internet), één en ander behoudens voor zover zij met het aangaan van die verplichting
                schriftelijk hebben ingestemd;

         ii.   zich voor, tijdens en na de wedstrijd behoorlijk te gedragen;

         iii.   er voor te zorgen dat de door hen te spelen wedstrijden ordelijk verlopen en dat de voorschriften die,
                door ofvanwege het bestuur en/ofhet bondsbestuur met betrekking tot de handhaving van de orde bij
                die wedstrijden mochten worden gegeven, stipt worden opgevolgd;

         iv.   er voor te zorgen dat de belangen of het aanzien van de hockeysport, de omni-vereniging en de K.N.H.B.
                door hun toedoen niet op ontoelaatbare wijze worden geschaad;

         v.   zich tegenover elkander en derden en tegenover de omni-vereniging en/ofde K.N.H.B. te onthouden van
               bedrieglijke handelingen

4. Door de omni-vereniging respectievelijk een afdeling kunnen in naam van de leden geen verplichtingen worden
    aangegaan dan nadat het algemeen bestuur door de algemene vergadering respectievelijk het betreffende
    afdelingsbestuur door de betreffende afdelingsvergadering daartoe vertegenwoordigingsbevoegd is verklaard.

5. Een lid kan de toepasselijkheid van een besluit, waarbij andere verplichtingen dan van geldelijke aard zijn
    verzwaard, met inachtneming van het bepaalde in art. 9 lid 4 door opzegging van het lidmaatschap te zijnen
    opzichte uitsluiten..

6. Personen die een al dan niet betaalde functie binnen de omni-vereniging uitoefenen of zullen uitoefenen en
    die onder de afdeling hockey ressorteren, met uitzondering van hen, die uitsluitend door een financiële
    bijdrage de omni-vereniging steunen of zullen steunen en van hen die met de hockeysport generlei bemoeienis
    hebben of zullen hebben, dienen zich te (mede-)onderwerpen aan de statuten, reglementen en besluiten van
    de K.N.H.B., en haar organen, waaronder met name is begrepen de tuchtrechtsptaak; daartoe zal de
    omni-vereniging alle nodige maatregelen nemen en alle vereiste regelingen treffen, waarbij zo nodig met iedere
    zodanige individuele persoon een daartoe strekkende overeenkomst zal worden aangegaan..

Terug

 

Artikel 7  Tuchtrechtspraak

1. In het algemeen zal strafbaar zijn handelen of nalaten in strijd met de in artikelS in lid 2 en lid 3
   genoemde verplichtingen.

2. a. Voorzover deze bevoegdheid niet aan een commissie belast met de tuchtrechtspraak is
        opgedragen, is het algemeen bestuur bevoegd om, in geval van overtredingen als 
        bedoeld in lid 1, de volgende straffen op te leggen:

        1. berisping;
        2. tuchtrechtelijke boete;
        3. uitsluiting van het deelnemen aan wedstrijden;
        4. ontzegging van het recht om één of meerfuncties uit te oefenen;
        5. schorsing;
        6. ontzetting (royement).

    b. Met uitzondering van de ontzetting komt aan een afdelingsbestuur ten opzichte van de
        onder haar ressorterende leden een overeen­ komstige bevoegdheid toe.

 3. De algemene vergadering respectievelijk de betreffende afdelings­ vergadering stelt de maxima van
     de in lid 2 onder a, 2 tlm 5 vermelde straffen vast.

 4. Gedurende de periode, dat een lid geschorst is, heeft hij als afgevaar­digde respectievelijk als lid
    geen toegang tot een algemene vergade­ring respectievelijk een afdelingsvergadering en kan hij
    aldaar niet aan de stemming deelnemen, terwijl hem bovendien gedurende deze periode ook
    andere aan het lidmaatschap verbonden rechten kunnen worden ontzegd.

 5. a. Ontzetting (royement) kan slechts worden uitgesproken indien een lid in ernstige mate  
        in strijd met de statuten of reglementen van de omni-vereniging en/of besluiten van zijn organen
        handelt, dan wel de omni-vereniging of een afdeling op onredelijke wijze benadeelt.
    b. Ontzetting (royement) kan slechts door het algemeen bestuur worden uitgesproken
    c. Nadat het algemeen bestuur tot ontzetting heeft besloten, wordt het betrokken lid
        ten spoedigste d.m.v. een aangetekend schrijven van het besluit, met opgave van redenen, in
        kennis gesteld. 
    d. De betrokkene is bevoegd binnen één maand na ontvangst van deze kennisgeving in beroep te
        gaan bij de algemene vergadering die in haar eerstvolgende vergadering met een meerderheld
        van Uit­ gebrachte geldige stemmen beslist. Gedurende de  beroepstermijn en hangende het
        beroep is het lid geschorst, met dien verstande, dat de betrokkene voor het voeren van verweer
        toegang heeft tot de eerstvolgende algemene vergadering en bevoegd is daar het woord te
        voeren. De betrokkene is tevens bevoegd zich in bedoelde vergadering door een raadsman te
        doen bijstaan.

 6. In geval van overtredingen van wedstrijdbepalingen, alsmede van de statuten, reglementen en/of
     besluiten van organen van de betreffende sportbond, is het betrokken lid tevens 
     onderworpen aan de bepalingen met betrekking tot de tuchtrechtspraak van die sportbond 


Terug

Artikel 8  Geldmiddelen

1. De geldmiddelen van de omni-vereniging bestaan uit:
    a.   contributie van de leden en adspirant-leden;
    b.   ontvangsten uit wedstrijden;
    c.   andere inkomsten.

 2. a. De algemene vergadering stelt jaarlijks de contributie van de leden en van de aspirant-leden
         vast.
     b. De leden kunnen in categorieën worden ingedeeld, die een verschillende contributie betalen 
     c. In de in lid 2a van het artikel genoemde contributie is inbegrepen de contributie voor de
        betreffende sportbond, welke door de vereniging aan die bond wordt afgedragen.  
     d. Wanneer het lidmaatschap in de loop van het boekjaar eindigt, blijft niettemin de contributie
         voor het gehele jaar verschuldigd, tenzij art. 9 lid 1a of lid 3 van toepassing is 

 Terug

 

Artikel 9   Einde lidmaatschap

1. Het lidmaatschap van de omni-vereniging eindigt:
    a. door overlijden van het lid;
    b. door opzegging door het lid;
    c. door opzegging namens de omni-vereniging;
    d. door ontzetting (royement) als bepaald in art. 7 lid 5.

2. a. Opzegging namens de omni-vereniging geschiedt door het algemeen bestuur ten aanzien van algemene
        leden en door het betreffende afdelingsbestuur ten aanzien van onder zijn afdeling ressorterende leden.
    b. Opzegging namens de omni-vereniging kan geschieden wanneer een lid heeft opgehouden aan de vereisten
        voor het lidmaatschap te voldoen voor zover deze krachtens deze statuten worden gesteld, of wannee hij zijn
        verplichtingen jegens de omni-vereniging of de betreffende afdeling niet nakomt.
        Voor zover de afdelingsleden onder de afdeling hockey ressorteren kan opzegging namens de omni-vereniging
        bovendien geschieden wanneer het de omni-vereniging krachtens de statuten van de K.N.H.B. verboden is
        het betrokken lid als lid van de omni-vereniging te handhaven.
    c. Opzegging van het lidmaatschap door het lid of namens de om ni­ vereniging kan slechts geschieden tegen
        het einde van het boekjaar met inachtneming van een opzeggingstermijn van vier weken.
    d. Een opzegging in strijd met het onder c bepaalde doet het lidmaat­schap eindigen op het  vroegst toegelaten
         tijdstip volgende op de datum, waartegen was opgezegd. 

3. Wanneer echter van de omni-vereniging of van het lid redelijkerwijze niet gevergd kan worden het lidmaatschap
    te laten voortduren, kan het lidmaatschap met onmiddellijke ingang worden opgezegd.

4. Een opzegging als bedoeld in art. 6 lid 5 dient te geschieden binnen een maand nadat het  bedoelde besluit aan
     het lid is bekend geworden of is medegedeeld.

 5. Wanneer een lid als lid van een sportbond wordt geroyeerd, dan wel door een sportbond definitief wordt uitgesloten
     van het deelnemen aan wedstrijden, of het uitoefenen van functies, zal het betreffende afdelingsbestuur het lid
     met onmiddellijke ingang opzeggen. 
     Het bepaalde in lid 6 is in dat geval van toepassing.

 6. Behalve in geval van ontzetting of opzegging door het algemeen bestuur eindigt het  lidmaatschap van de
     omni-vereniging niet als het lid uit andere hoofde lid van de omni-vereniging blijft.

 7. Een lid, dat heeft opgezegd, wordt geacht nog lid te zijn tot ten hoogste het einde van het boekjaar, volgende op
     waarin werd opgezegd, zolang hij niet heeft voldaan aan zijn geldelijke verplichtingen ten opzichte van de
    omni-vereniging of één van haar afdelingen, of zolang enige aan­ gelegenheid waarbij hij betrokken is niet is
    afgewikkeld, de ten uitvoer­ legging van een opgelegde straf daarin begrepen. Gedurende deze periode kan de 
    betrokkene geen rechten uitoefenen, met uitzondering van het recht om binnen de gestelde termijn in beroep te gaan.

 Terug

 

Artikel 10  Donateurs

1. De omni-vereniging kent behalve leden ook donateurs.

2. Donateurs zijn natuurlijke personen of rechtspersonen, die door het algemeen bestuur of 

    een afdelingsbestuur als donateur zijn toegelaten en die zich jegens de omni-vereniging
    respectievelijk de betreffende afdeling verplichten om jaarlijks een door het algemeen
    bestuur respectievelijk het betreffende afdelingsbestuurvastgestelde bijdrage te storten.

3. Donateurs hebben geen andere rechten of verplichtingen dan die, welke hen bij of 
    krachtens de statuten zijn toegekend of opgelegd.

4. De rechten en verplichtingen van donateurs kunnen te allen tijde door de omni-vereniging 
    respectievelijk de betreffende afdeling of door de donateur door opzegging worden beëindigd, met
    dien verstande, dat bij opzegging door de donateur de jaarlijkse bijdrage voor het lopende    
    boekjaarvoor het geheel verschuldigd blijft.

5. Opzegging namens de omni-vereniging geschiedt door het algemeen bestuur, namens
    een afdeling door het betreffende afdelingsbestuur. 

 Terug

 

Artikel 11  Algemeen bestuur

1. Het algemeen bestuur van de omni-vereniging bestaat uit:

    a.  de door de algemene vergadering in functie gekozen voorzitter, secretaris en
         penningmeester;
    b.  een aantal door de algemene vergadering gekozen commis­sarissen, zodat met in
         achtname van lid 1c in totaal het algemeen bestuur bestaat uit een oneven aantal   
         leden;
    c. de voorzitters van de afdelingen of hun plaatsvervanger, welke laatste gekozen wordt 
         door en uit het betreffende afdelingsbestuur.

2. a. De in lid 1onder a genoemde bestuursleden mogen geen zitting hebben in een
        afdelingsbestuur
    b. Alle in lid 1onder a en b genoemde bestuursleden worden uiterlijk drie weken voor de jaarlijkse
        algemene vergadering kandidaat gesteld doorten minste drie afgevaardigden. 
     c. Aan een kandidaatstelling kan het bindend karakter worden ontnomen door een met tenminste
         twee/derden van de uitge­ brachtige geldige stemmen genomen besluit van de algemene
        vergadering 
    d. Vindt geen kandidaatstelling plaats of besluit de algemene vergadering overeenkomstig het
        onder c gestelde om aan de kandidaatstelling het bindend karakter te ontnemen, dan is de
        algemene vergadering vrij in haar keuze.

3. a.  De in lid 1onder a en b bedoelde bestuursleden treden drie jaar na hun verkiezing af 
         volgens een door het bestuur op te maken rooster. Zij zijn terstond herkiesbaar.
    b.  In een tussentijdse vacature wordt zo mogelijk binnen zes weken voorzien. Wie in
         een tussentijdse vacature is gekozen, neemt op het rooster de plaats van zijn voorganger in.

4. De in lid 1onder c bedoelde bestuursleden treden af, zodra zij geen bestuurslid van de afdeling
     meer zijn.

5. Bestuursleden dienen meerderjarig te zijn en treden af in de eerste algemene vergadering 
     van het boekjaar, waarin zij de leeftijd van zeventig jaar bereiken.

6. In zijn eerste bestuursvergadering na een bestuursverkiezing stelt het bestuur in onderling 

    overleg voor elk bestuurslid diens taak vast en doet hiervan, hetzij in het clubblad, hetzij
    door middel van een schrifte­ lijke kennisgeving mededeling aan de afgevaardigden en de
    afdelingen.

7. leder bestuurslid is tegenover de omni-vereniging gehouden tot een behoorlijke vervulling 
    van de hem opgedragen taak. Indien het een aangelegenheid betreft die tot de werkkring 
    van twee of meer bestuursleden behoort, is ieder van hen hoofdelijk aansprakelijk 
    tegenover de omni-vereniging, tenzij hij bewijst dat de tekortkoming niet aan hem te wijten
    is en dat hij niet nalatig is geweest in het treffen van maatregelen om de gevolgen daarvan 
    af te wenden.

8. a. De algemene vergadering kan bestuursleden als lid van het algemeen bestuur ontslaan of
        schorsen indien zij daartoe termen aanwezig acht, met dien verstande, dat voor een daartoe
        strekkend besluit
        - ten aanzien van door de algemene vergadering gekozen bestuurs­ leden een meerderheid van
          twee/derden van de uitgebrachte geldige stemmen vereist is;
        - ten aanzien van door afdelingen aangewezen bestuursleden een meerderheid van drie/vierden
          van de uitgebrachte geldige stemmen vereist is.
    b. Nadat een onder a bedoeld besluit t.a.v. een door een afdeling aangewezen bestuurder is
        genomen, kan de betreffende afdeling

         -na het ontslag of voor de duur van de schorsing- zich tot aan de eerstvolgende
          algemene vergadering in het bestuur van de omni­ vereniging doen vertegenwoordigen
          door een ander lid van het afdelingsbestuur. 
      c. Een schorsing, die niet binnen drie maanden gevolgd wordt door een besluit tot ontslag,
         eindigt door het verloop van die termijn. 


Terug


Artikel 12  Bestuurstaak

1. Behoudens de beperkingen volgens de statuten is het algemeen bestuur belast met het
    besturen van de omni-vereniging.

2. Indien het aantalleden van het algemeen bestuur beneden het in artikel11 lid 1bedoelde aantal is
    gedaald, blijft het bestuur bevoegd.

3. Het algemeen bestuur is bevoegd onder zijn verantwoordelijkheid bepaalde onderdelen van zijn
    taak te doen uitvoeren door commissies, waarvan de leden door het algemeen bestuur worden
    benoemd en ontslagen. 

Terug


Artikel 13  Bestuursvergadering

1. Tenzij het algemeen bestuur anders bepaalt, vergadert het algemeen bestuur wanneer de
    voorzitter of twee andere bestuursleden dit verlangen.

2. Het algemeen bestuur kan ook buiten vergadering besluiten nemen, indien geen bestuurslid zich
    tegen deze wijze van besluitvorming verzet en alle bestuursleden aan deze besluitvorming
    deelnemen.

3. a. Alle besluiten, daaronder begrepen de besluiten bedoeld in lid 2, worden genomen
       met 
meerderheid van uitgebrachte geldige stemmen, mits wat in de vergaderingen
       genomen besluiten betreft de meerderheid van de in functie zijnde bestuursleden
       aanwezig is. 
   b. Blanco-stemmen zijn ongeldig.

4.
Over elk voorstel wordt afzonderlijk en mondeling gestemd, tenzij de voorzitter of een bestuurslid
    anders wenst.

5. a. Het door de voorzitter uitgesproken oordeel, dat het algemeen bestuur een besluit
        heeft genomen, is beslissend. Hetzelfde geldt voor de inhoud van een genomen
        besluit, voorzover gestemd werd over een niet schriftelijk vastgelegd voorstel 
     b. Wordt echter onmiddellijk na het uitspreken van het onder a. bedoelde oordeel de  juistheid
         daarvan betwist, dan wordt zonodig het te nemen besluit schriftelijk vastgeleg en vindt een
         nieuwe stemming plaats, indien een bestuurslid dit verlangt. Door deze nieuwe stemming
         vervallen de rechtsgevolgen van de oorspronkelijke stemming.

6. Van het verhandelde in elke vergadering worden door de secretaris of een notulist
    notulen gemaakt, die door de voorzitter en de notulist worden vastgesteld. 

 

Terug 

 

Artikel 14  Afdelingen

1. a. De algemene vergadering stelt per te beoefenen tak van sport een afdeling in en heft
        deze, na een daartoe strekkend voorstel van de betreffende afdelingsvergadering, op.
    b. ledere afdeling wordt geleid door een bestuur (afdelingsbestuur), dat verantwoording
        verschuldigd is aan de algemene vergadenng van die afdeling (afdelingsvergadering).

2. a. Een afdelingsbestuur bestaat uit ten minste drie personen. Het aantal bestuursleden wordt
       nader vastgesteld door de betreffende afdelingsvergadering.  
    b. Een afdelingsbestuur wordt gekozen door de afdehngsvergadenng uit de onder de afdeling
        ressorterende leden 
    c. Voor een functie in het afdelingsbestuur kunnen tot uiterlijk drie weken voor de
        afdelingsvergadering kandidaten worden gesteld door het afdelingsbestuur of door ten minste
        drie onder de afdeling ressorterende leden.

3. a. De afdelingsvergadering bestaat uit de onder de betreffende afdeling ressorterende
         leden, zoals genoemd in het afdelingsreglement.
    b. Tenminste vier weken voor een algemene vergadering van de omni-vereniging wordt  
        een afdelingsvergadering gehouden.
        Zo mogelijk bevat de agenda van deze afdelingsvergadering onder meer de agenda van
        die algemene vergadering.

4. a. De afdelingen regelen de zaken die uitsluitend de eigen afdeling betreffen. 
    b. Een afdelingsbestuur is verplicht om met betrekking tot zaken, die mede de belangen van de
        omni-vereniging of van een andere afdeling kunnen raken voorafgaand overleg te plegen met het
        algemeen bestuur of het betreffende afdelingsbestuur. Komen de betrokken besturen niet tot
        overeenstemming, dan beslist het algemeen bestuur 
    c. Een afdelingsbestuur is verplicht bij zijn handelen te blijven binnen een jaarlijks door
        de afdelingsvergadering vastgestelde begroting. Het algemeen bestuur beoordeelt de begroting
        van een afdeling binnen een maand na vaststelling door de afdelingsvergadering en geeft
        daaraan zo mogelijk zijn goedkeuring.

5. Tenzij anders is bepaald, zijn de artikelen 11, 12, 13, 16, 17, 19 en 21 van overeenkomstige
    toepassing op de afdelingen. 


Terug


Artikel 15  Vertegenwoordiging

1. a. De omni-vereniging wordt- met inachtneming van het onder b van dit lid bepaalde en
        behoudens procuratie- in en buiten rechte. vertegenwoordigd door de voorzitter tezamen
        met de secretans of tezamen met de penningmeester.
    b. Krachtens volmacht kan de omni-vereniging voor aangelegenheden de afdeling
        betreffende tevens worden vertegenwoordigd do :>r de voorzitter van dat
        afdelingsbestuur, tezamen met de secretans of tezamen met de penningmeester van dat
        afdelingsbestuur.

2.  Het algemeen bestuur is na voorafgaande goedkeuring van de algemene vergadering bevoegd tot
     het sluiten van overeenkomsten tot het kopen, vervreemden of bezwaren van registergoederen,
     het sluiten van overeenkomsten, waarbij de omni-vereniging zich als borg of hoofdelijk
     medeschuldenaar verbindt, zich voor een derde sterk maakt of zich tot zekerheidsstelling voor
     een schuld van een derde verbindt.

3.  Personen, aan wie hetzij in deze statuten, hetzij krachtens volmacht vertegenwoordigings
     bevoegdheid is toegekend, oefenen dez . bevoegdheid niet uit dan nadat tevoren een
     bestuurdersbeslult IS genomen, waarbij tot het aangaan van de betreffende rechts­ handeling(en)
     is besloten. Overtreding hiervan kan noch door noch aan de omni-vereniging of de wederpartij
     worden tegengeworpen. 

 

Terug

Artikel 16  Rekening en verantwoording

1.  Het algemeen bestuur is verplicht van de vermogenstoestand van de omni-vereniging
     zodanig aantekening te houden, dat daaruit te allen tijde haar rechten en verplichtingen
     kunnen worden gekend.

2. Het algemeen bestuur brengt - behoudens verlenging door de algemene vergadering - 
    binnen zes maanden na afloop van het boekjaar van de omni-vereniging op een algemene 
    vergadenng zijn jaarverslag, alsmede een balans en een staat van baten en lasten uit en doet,
    onder overlegging van de nodige bescheiden rekening en verantwoording over zijn in het afgelopen
    boekjaar gevoerd bestuur. Bij gebreke hiervan kan, na verloop van de termijn  iedere afgevaardigde
    deze rekening en verantwoording in rechte van het algemeen bestuur vorderen.

3. a. Tenzij de algemene vergadering op een andere wijze in het toezicht op het algemeen bestuur
        voorziet, kiest de algemene vergadering een kascommissie, bestaande uit drie leden en twee
        plaatsvervan­ gende leden, die geen deel mogen uitmaken van het algemeen bestuur of een
        afdelingsbestuur. 
    b. De leden van de onder a bedoelde commissie worden gekozen voor de duur van drie jaar en
        treden volgens een op te maken rooster af en zijn aansluitend slechts éénmaal herkiesbaar.  

    c. De kascommissie onderzoekt de rekening en verantwoording van het algemeen bestuur
        en brengt aan de algemene vergadering verslag van haar bevindingen uit.

4.  Degenen die de rekening en verantwoording van het algemeen bestuur onderzoeken, kunnen
     zich 
 voor rekening van de omni­ vereniging door een deskundige doen bijstaan. 
     Het algemeen bestuur is verplicht aan de commissie alle door haar gewenste inlichtingen 
     te verschaffen, haar desgewenst de kas te tonen en inzage van de boeken en bescheiden 
     van de omnivereniging te geven.

5.  De opdracht aan de commissie kan te allen tijde door de algemene vergadering worden 
     herroepen, doch slechts door de verkiezing van een andere commissie.

6.  Goedkeuring door de algemene vergadering van het jaarverslag en de rekening en verantwoording
     strekt het algemeen bestuurtot décharge voor alle handelingen, voorzover die uit de jaarstukken
     blijken.

7.  Het algemeen bestuur is verplicht de bescheiden als bedoeld in de leden 1, 2 en 3 onder c tien
     jaar lang te bewaren. 


Terug


Artikel 17  Algemene vergaderingen

1. a. Jaarlijks zal uiterlijk zes maanden na afloop van het boekjaar van de omni-vereniging 
        een algemene vergadering worden gehouden  
    b. De agenda van deze vergadering bevat onder meer:
        -bespreking van de notulen van de vorige algemene vergadering;
        -jaarverslag van de secretaris;
        -behandeling en vaststelling van de jaarstukken;
        -vaststelling van de contributies;
        -vaststelling van de begroting;
        -voorziening in vacatures;
        - rondvraag.
   c.  Een afdelingsvergadering is tot uiterlijk drie weken voor een alge­mene vergadering
        bevoegd om punten op de agenda te plaatsen.

2. Voorts worden algemene vergaderingen gehouden zo dikwijls het algemeen bestuur of  twee
    afdelingsbesturen dit wenselijk oordelen.

 

3. a. Het algemeen bestuur is op schriftelijk verzoek van ten minste een zodanig aantal
        afgevaardigden als bevoegd is tot het uitbrengen van één/tiende gedeelte van de
        stemmen in de algemene vergade­ring verplicht tot het bijeenroepen van de algemene
        vergadering op een termijn van niet langer dan vier weken.
     b. Indien aan het verzoek binnen veertien dagen geen gevolg is gegeven, kunnen de
        verzoekers zelf tot die bijeenroeping overgaan met overeenkomstige toepassing van het
        bepaalde in het volgend lid.

 

4. a. De algemene vergadering wordt bijeengeroepen door het algemeen bestuur, met
        inachtneming van een termijn van ten minste veertien dagen, de dag van de oproeping
        en die van de vergadering niet meegerekend. 
     b. De bijeenroeping geschiedt in het clubblad of door middel van een aan alle
        afgevaardigden en afdelingen te zenden schriftelijke kennisgeving, zulks onder
        gelijktijdige vermelding van de agenda, of door middel van een advertentie in ten minste
        één, ter plaatse waar de omni-vereniging gevestigd is, veelgelezen dagblad. Geschiedt
        de bijeenroeping door middel van een advertentie, dan wordt de agenda voor de leden
        op een daartoe geschikte plaats ter inzage gelegd en wordt daarvan melding gemaakt in
        de advertentie. 

Terug


Artikel 18  Samenstelling algemene vergadering

1.  De algemene vergadering vertegenwoodigt alle leden van de omni­ vereniging en bestaat
     uit veertig afgevaardigden.

 

2. a. De afgevaardigden worden door de algemene leden en door de afdelingsvergadering
        gekozen.
    b. De algemene leden kiezen uiterlijk vier weken voor de te houden jaarlijks algemene
        vergadering schriftelijk hun afgevaardigden.
    c. De afdelingsvergaderingen kiezen uiterlijk vier weken voor de te houden jaarlijkse
        algemene vergadering hun afgevaardigden.
    d. Elk lid van de omni-vereniging dat op één juli van het lopende boekjaar de leeftijd van
        achttien jaar heeft bereikt kan als afgevaardigde worden gekozen.

 

3. a  Het aantal te verkiezen afgevaardigden is telkenmale afhankelijk van het op dertig juni
        van het voorafgaande boekjaar geregistreerde aantal leden en adspirant leden.
    b. Ter bepaling van het aantal onder a bedoelde afgevaardigden zal door het algemeen
        bestuur, uiterlijk één en dertig juli van elk boekjaar, een kiesdeler worden vastgesteld
        door het totale aantal per dertig juni geregistreerde leden en adspirant leden van
        de omni- vereniging te delen door veertig. De kiesdeler wordt berekend in drie
        decimalen.
    c. Vervolgens wordt het aantal door de algemene leden en het aantal per afdeling te
        verkiezen afgevaardigden bepaald door het op dertig juni geregistreerde aantal 
        algemene leden, leden en adspirant leden per afdeling te delen door de kiesdeler. 
        Evenzovele male als de kiesdeler is begrepen in het aantal geregistreerde algemene
        leden, leden en adspirant-leden per afdeling, wordt aan de algemene leden 
        respectievelijk aan een afdeling één afgevaardigde toegekend.
    d. Indien het aldus berekende aantal afgevaardigden tezamen minder dan veertig
        bedraagt, wordt het aantal afgevaardigden per groepering nader vastgesteld door het 
        aantal afgevaardigden van die groepering(en), die na toepassing van de kiesdeler het
        grootste overschot of de grootste overschotten hebben, met één te verhogen, totdat het
        aantal van veertig afgevaardigden is bereikt. 


4. a. In een tussentijdse vacature wordt voorzien door plaatsvervanging door degene, die bij
        de laatstgehouden verkiezing van afgevaardigden in de betreffende groepering na de
        gekozen de meeste resp. de op één na meeste of het daarop volgende aantal stemmen
        op zich heeft verenigd.
    b. Bij gebreke hiervan zal in deze vacature voor de eerstvolgende afdelingsvergadering niet
        worden voorzien.

5. Het lidmaatschap van de algemene vergadering vervalt:
    a. vanaf het moment van beêindiging van het lidmaatschap van de omni-vereniging;
    b. vanaf het moment, dat de afgevaardigde niet meer ressorteert onder de afdeling, die
        hem heeft gekozen. 


Terug


Artikel 19  Toegang en besluitvorming algemene vergadering

1. a. Mits de plaatsruimte dit toestaat, hebben alle leden toegang tot de algemene
        vergadering, voor zover een lid niet ten tijde van de vergadering is geschorst.
    b. De voorzitter kan tevens toegang verlenen aan niet-leden (buitenstaanders).

2.
a. ledere afgevaardigde heeft in de algemene vergadering één stem.
    b. ledere afgevaardigde is bevoegd zijn stem te doen uitbrengen door een, schriftelijk
       daartoe gemachtigde, andere afgevaardigde die echter in totaal niet meer dan twee
       stemmen kan uitbrengen.

3. a. Tenzij anders in deze statuten is bepaald, worden besluiten genomen met meerderheid
        van uitgebrachte geldige stemmen.
    b. Onder meerderheid wordt verstaan meer dan helft van de uitgebrachte geldige 
        stemmen.
    c. Als ongeldige stemmen worden aangemerkt uitgebrachte stemmen dan wel stembiljetten
        die, naar het oordeel van de voorzitter:
        -blanco zijn;
        -zijn ondertekend;
        -onleesbaar zijn;
        -een persoon niet duidelijk aanwijzen;
       - de naam bevatten van een persoon die niet kandidaat gesteld is;
        -voor iedere verkiesbare plaats meer dan één naam bevatten;
        -meer bevatten dan een duidelijke aanwijzing van de persoon die is bedoeld.

4. a. Alle stemmingen over zaken geschieden mondeling, over personen schriftelijk, tenzij de
        voorzitter zondertegenspraak uit de vergade­ ring een andere wijze van stemmen bepaalt
        of toelaat. 
    b. Voor iedere vacature wordt afzonderlijk gestemd.

5. a. Indien bij een stemming over personen bij de eerste stemming niemand de meerderheid
       van de uitgebrachte geldige stemmen heeft verkregen, wordt een tweede stemming
       gehouden. Verkrijgt ook bij deze stemming niemand de meerderheid van de uitgebrachte
       geldige stemmen, dan vindt herstemming plaats over de personen, die het hoogste 
       aantal stemmen hebben verkregen.
   b. Heeft slechts één persoon het hoogste aantal stemmen verkregen, dan vindt 
       herstemming plaats over hem en degene die het op één na hoogste aantal stemmen
       heeft verkregen.
       Zijn er meer personen die het op één na hoogste aantal stemmen hebben verkregen, dan
       vindt over hen eerst een tussenstemming plaats om uit te maken wie de kandidaat wordt
       voor de herstemming.
   c. Zowel bij de tussenstemming als bij de herstemming( en) is hij gekozen die de
       meerderheid  van de uitgebrachte geldige stemmen heeft verkregen. Staken bij deze
       stemming de stemmen, dan beslist het lot.

6. a. Een ter vergadering door de voorzitter uitgesproken oordeel, dat een besluit is genomen,
        is beslissend. Hetzelfde geldt voor de inhoud van een genomen besluit, voorzover
        gestemd werd over een niet schriftelijk vastgelegd voorstel.
    b. Indien echter onmiddellijk na het uitspreken van dit oordeel de juistheid daarvan wordt
        betwist, dan wordt zonodig het te nemen besluit schriftelijk vastgelegd en vindt een
        nieuwe stemming plaats, wanneer de meerderheid der vergadering, of indien de
        oorspron­ kelijke stemming niet hoofdelijk of schriftelijk geschiedde, een afgevaardigde dit
        verlangt. Door deze nieuwe stemming vervallen de rechtsgevolgen van de
        oorspronkelijke stemming. 

 
Terug


Artikel 20  Bevoegdheden algemene vergadering

Aan de algemene vergadering komen in de omni-vergadering alle bevoegdheden toe, die niet door de wet of door de statuten aan het algemeen bestuur of een afdeling zijn opgedragen. 

Terug


Artikel 21  Leiding en notulering algemene vergadering

1.  De algemene vergadering wordt geleid door de voorzittervan het algemeen bestuur. Bij
     afwezigheid van de voorzittertreedt een ander door het algemeen bestuur aan te wijzen
     bestuurslid als voorzitter op. Wordt ook op deze wijze niet in het voorzitterschap voorzien,
    dan voor­ ziet de algemene vergadering daarin zelf.

2. Van het verhandelde in de algemene vergadering worden door de secretaris of een notulist
    aantekeningen gemaakt. De notulen worden, na vaststelling door de voorzitter en de
    notulist, in het clubblad gepubliceerd of op een andere wijze ter kennis van de leden
    gebracht en worden in de eerstvolgende algemene vergadering besproken. 


Terug


Artikel 22  Reglementen

1.  De organisatie, alsmede de taken en bevoegdheden van zowel de omni-vereniging als van
    de afdeling, kunnen naderworden geregeld in afzonderlijke reglementen, met dien
    verstande, dat reglementen van de omni-vereniging door de algemene vergadering en
    afdelings­ reglementen door de betreffende afdelingsvergadering worden vastgesteld.

2.  Nieuwe reglementen, alsmede wijzigingen van reglementen, treden in werking op de
     éénentwintigste dag na de dag, waarop de algemene vergadering of de betreffende
     afdelingsvergadering het besluit tot vaststelling of wijziging heeft genomen, tenzij anders
     zal worden bepaald.

3.  ledere vaststelling of wijziging van een reglement wordt gepubliceerd in het clubblad, 
     onder vermelding van de datum van inwerktreding en met letterlijke weergave van de tekst
     van de aangenomen bepaling(en).

4.  De in lid 1bedoelde reglementen mogen niet in strijd zijn met de wet, ook waar die geen
     dwingend recht bevat, noch met de statuten. 

 
Terug


Artikel 23  Statutenwijziging

1.  De statuten kunnen slechts worden gewijzigd door een besluit van de algemene vergadering, waartoe
     werd opgeroepen met de mededeling, dat aldaar wijziging van de  statuten zal worden vastgesteld. 

2.  Zij, die de oproeping tot de algemene vergadering ter behandeling van een voorstel tot  statutenwijziging
     hebben gedaan, moeten ten minste veertien dagen voor de vergadering een afschrift van dat voorstel, waarin
     de voorgestelde wijziging woordelijk is opgenomen, op een daartoe geschikte plaats voor de leden ter inzage
     leggen tot na afloop van de dag, waarop de vergadering wordt gehouden. Bovendien wordt de voorgestelde
     wijziging ten  minste veertien dagen voor de vergade­ ring in het clubblad gepubliceerd en wordt een  afschrift
     hiervan aan alle afgevaardigden en aan de afdelingen gezonden.

3.  Een besluit tot statutenwijziging behoeft ten minste twee/derden van de uitgebrachte geldige stemmen in een
     vergadering, waarin ten minste twee/derden van de afgevaardigden aanwezig of vertegenwoordigd is.
     Indien geen twee/derden van de afgevaardigden aanwezig of vertegenwoordigd is, wordt binnen vier weken daarna
     een tweede vergadering bijeengeroepen en gehouden, waarin over het voorstel, zoals dat in de vorige vergadering
     aan de orde is geweest, ongeacht het aantal aanwezige of vertegenwoordigende afgevaardigden, een besluit kan
     worden genomen, mits met meerderheid van fen minste twee/derden van de uitgebrachte geldige stemmen.
     Wijzigingen in de statuten van de omni-vereniging behoeven de voorafgaande goedkeuring van het bondsbestuur
     van de K.N.H.B

4. a.  Een statutenwijziging treedt niet in werking dan nadat hiervan een notariële akte is
         opgemaakt. Van dit tijdstip en van de letterlijke tekst van de aangenomen bepalingen
         wordt mededeling gedaan in het clubblad.

    b.  leder lid van het algemeen bestuur is afzonderlijk tot het doen verlijden van deze akte
         bevoegd. 

 
Terug


Artikel 24  Ontbinding en vereffening

1.  De omni-vereniging wordt ontbonden door een daartoe strekkend besluit van de algemene
     vergadering, genomen met ten minste twee/ derden van het aantal uitgebrachte geldige
     stemmen in een vergade­ ring waarin ten minste twee/derden van de afgevaardigden
     aanwezig of vertegenwoordigd is.

2.  Het bepaalde in de leden 2 en 3 van art. 23 is van overeenkomstige toepassing.

3.  Indien bij het besluit tot ontbinding geen vereffenaars zijn aangewezen, geschiedt de
     vereffening door het algemeen bestuur.

4.  Een eventueel batig saldo zal niet vervallen aan degenen die ten tijde van het  besluit  
     tot ontbinding lid zijn, maar aan een dan door de alge­ mene vergadering aan te wijzen
     doel.

5.  Na de ontbinding blijft de omni-vereniging voortbestaan voorzover dit tot vereffening van
     haarvermogen nodig is. Gedurende de vereffening blijven de bepalingen van de statuten
     en reglementen voor zover mogelijk van kracht. In stukken en aankondigingen die van de
     omni­ vereniging uitgaan moeten aan haar naam worden toegevoegd te worden "in
     liquidatie".


Terug

voeg je eigen gadgets toe aan deze pagina!